Ook de Buurthucht in Overberg, de koeheuvels en de volkstuinen in Maarn en verschillende Driebergse bossen staan op Boonzaaijers lijst van te verkopen vastgoed. Met de opbrengst wil de gemeente de steeds dramatischer wordende financiële malaise te lijf gaan. Of het makelaars zal lukken om al het onroerende goed van de gemeente aan de man te brengen, is overigens onwaarschijnlijk.

BINNENGEHARKT In zijn wensen- en bedenkingenbrief aan de gemeenteraad geeft Boonzaaijer toe, dat er heel wat incourante en moeilijk te verkopen objecten op de vastgoedlijst staan. Die zullen vermoedelijk nog lange tijd op de gemeentelijke balans prijken. Maar de wethouder rekent erop, dat met het gemakkelijker verkoopbare vastgoed zo’n twee miljoen euro binnengeharkt kan worden. Daarmee moet de schuld van Utrechtse Heuvelrug worden verminderd.

IN HET KRIJT Die schuldreductie lijkt echter niet meer dan een druppel op de gloeiende plaat, want in totaal staat de gemeente voor een slordige 150 miljoen euro bij geldschieters in het krijt. Onder andere door de financiële problemen rond de Wmo, de jeugdhulp en de corona-pandemie zal die netto schuld de komende vier jaar verder oplopen naar zo’n 166 miljoen euro. Het volgende college zal daardoor met een niet te benijden erfenis moeten afrekenen.

STOPLICHT Volgens normen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) springt het financiële stoplicht dit jaar al van oranje op rood. De netto schuld van Utrechtse Heuvelrug stijgt in 2020 namelijk naar 130 procent van de inkomsten. Als die zogenoemde schuldquote wordt gecorrigeerd met de bedragen die de gemeente zelf aan organisaties en sportclubs heeft uitgeleend, springt het stoplicht volgend jaar op rood. 

door Michiel Schaaij