Hij was een knappe en vriendelijke man. In zijn tienerjaren, meer dan tachtig jaren geleden, had hij altijd aandacht van meisjes. Maar verkering krijgen met een meisje lukte niet.

Ik zit bij hem aan tafel. Hij woont nog op zichzelf. Met trots heeft hij voor ons samen gekookt: aardappels, snijbonen, champignons en een stukje vlees. En komkommersalade. Met suiker. Veel. Heel veel. De korrels kraken slordig, massaal en mierzoet in mijn mond.

,,Zat meisjes die mij leuk vonden!", zegt hij. Het is een mededeling, maar de blik in zijn gezicht is eigenlijk een vraag. ,,Bijvoorbeeld", zegt hij, ,,op de ijsbaan." Hij kon goed schaatsen, vooral zwieren. Het mooist was het om dat met zijn tweeën te doen. Met een meisje. En dan gekruist elkaars handen vasthouden. Want zo had je houvast aan elkaar.

Dat ging altijd zo fijn. Zo’n meisje nam hem dan tijdens het zwieren langzamerhand of zelfs vlug mee naar een donkere plek op de ijsbaan. Waar geen andere mensen waren. En stond dan ineens stil. Ewout ging dan vriendelijk kletsen, want dat kon en kan hij nog steeds goed. Over alles en niks bijzonders. Moeilijke overwegingen in zijn hoofd heeft hij in zijn leven meestal overgeslagen. De dingen zijn zoals ze zijn, en kansen moet je pakken en risico’s moet je nemen. Er gaan dingen goed en fout, zo is het nu eenmaal. Best eenvoudig.

Hij wilde zo graag verkering, maar alleen met leuke praatjes krijg je dat niet. Er moet op een gegeven moment gezoend worden. Weet hij nu. Bijvoorbeeld in zo’n donker hoekje van de ijsbaan. En dat deed hij niet. Hij had nou juist een enorme hekel aan zoenen.

Hij kijkt me aan. Nu een werkelijk serieuze blik. Zijn moeder stierf in een kraambed van een baby broertje toen Ewout nog maar drie jaren oud was. Ze liet zes jongens na. Een jaar later trouwde zijn vader met een andere vrouw. Zonder overleg met de knulletjes. Ze kenden haar niet. Ze kwam zomaar. Op een dag. En vanaf die tijd moesten de jongens haar elke avond een zoen geven. En ‘moeder’ tegen haar zeggen. Maar dat was ze niet. Hun moeder.

Hij rilt nog steeds van viezigheid bij de herinneringen over die verplichte zoenen. Daarom hield hij niet van zoenen. Zelfs niet met aardige meisjes.

Gelukkig kwam hij alsnog een vrouw tegen, die zijn nare herinneringen aan het zoenen liet verdwijnen.

Ze werd de liefde van zijn leven.

Ellenoor Piersma.