Edward Doelman

Lopende projecten en activiteiten worden zo spoedig mogelijk afgerond en, waar nodig, uiterlijk voor 31 oktober overgedragen, meldt O-gen. De gebiedsraad van de coöperatie gaat zich de komende tijd met de leden van O-gen beraden over een nieuwe manier van samenwerken in het gebied. De twaalf medewerkers verliezen hun baan.

Gebiedscoöperatie O-gen is in 2014 opgericht als samenwerkingsverband in het landelijk gebied van de regio's Foodvalley, Utrechtse Heuvelrug, Amersfoort, Kromme Rijnstreek en Noord-Veluwe. O-gen is de rechtsopvolger van de Stichting Vernieuwing Gelderse Vallei (SVGV), die voorheen zetelde in Scherpenzeel. O-gen houdt kantoor in het Fort aan de Buursteeg in Renswoude. De coöperatie heeft zo’n 280 leden, variërend van gemeenten en waterschappen tot de recreatiesector en agrarische bedrijven.

350 PROJECTEN De afgelopen zes jaar zijn zo’n 350 projecten gerealiseerd die hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van het landelijk gebied, meldt directeur-bestuurder Gerard van Santen in een persbericht. Als voorbeelden noemt hij grondruil voor inrichting van natuurgebieden, investeringen in duurzame landbouw, glasvezel in het buitengebied, de aanleg van het eerste zonneveld, het Grebbelinie Bezoekerscentrum en de start van insectenkweek voor pluimveehouders in het kader van eiwittransitie.

Ruim twee jaar geleden kwam de samenwerking met de provincie Utrecht - de belangrijkste opdrachtgever - ‘onder druk te staan'. Aanleiding was volgens O-gen een binnen de provincie ontstaan juridisch vraagstuk over de rechtmatigheid van de samenwerking. Organisatieadviesbureau Berenschot werd ingeschakeld om een nieuw, duurzaam samenwerkingsmodel te ontwikkelen.

De uitkomst van de gesprekken met de provincie Utrecht is te gering voor de continuïteit van O-gen, meldt voorzitter Jan Wolleswinkel van de gebiedsraad, die woordvoerder is richting de pers. ,,Zeker in combinatie met het feit dat de provincie Gelderland zich op afstand houdt en de gemeenten wel bereid zijn te investeren, maar daar op korte termijn de financiële middelen niet voor hebben.''

BERADEN Wolleswinkel zegt dat de lopende 37 projecten de komende maanden zoveel mogelijk worden afgemaakt. Tot die tijd blijft O-gen sowieso actief. ,,Dat is vermoedelijk tot 1 november. We gaan ons dan beraden, met hulp van een extern bureau, of en zo ja hoe er in de toekomst vormen van samenwerking mogelijk zijn.'' 

Hij betreurt de gang van zaken. ,,Het is in de huidige situatie een onontkoombaar besluit, maar ik vind het vooral pijnlijk voor onze medewerkers.” Twee van de twaalf hebben inmiddels een andere baan. ,,Wij hebben een breed netwerk, maar in deze coronacrisis is het vinden van ander werk wel lastiger. We proberen goed voor de mensen te zorgen.”

---------------------------------------------------------------------------

'ALSOF JE IN EEN FUIK ZWEMT'

Gebiedscoöperatie O-gen trekt in het najaar de stekker uit haar activiteiten. Na ruim zes jaar komt een einde aan de huidige organisatie, die zich hard maakt voor de ontwikkeling van het landelijk gebied in deze regio. ,,Het voelt alsof je in een fuik zwemt en niet meer om kunt draaien.”

Zo beschrijft Jan Wolleswinkel, onafhankelijk voorzitter van de gebiedsraad en woordvoerder namens O-gen, het gevoel dat hij heeft overgehouden aan de achterliggende jaren. ,,Het is voor ons allemaal zonder meer een teleurstelling, maar dit besluit is niet van de ene op de andere dag tot stand gekomen. Het komt voor de direct betrokkenen niet uit de lucht vallen, het is een proces geweest dat we zagen aankomen. Maar we zien op dit moment geen andere optie dan te stoppen.”

O-gen, gevestigd in bezoekerscentrum De Grebbelinie in het Fort aan de Buursteeg in Renswoude, richt zich op de ontwikkeling van het landelijk gebied en was de afgelopen jaren onder meer betrokken bij de aanleg van glasvezel in het buitengebied, investeringen in duurzame landbouw, ondernemersbegeleiding voor agrariërs en natuurontwikkeling in de uiterwaarden.

[FINANCIËLE POSITIE] Belangrijkste aanleiding voor het naderende einde is de financiële positie van de gebiedscoöperatie, die de Gelderse Vallei, de Utrechtse Heuvelrug, Kromme Rijnstreek en de Eemland-regio tot haar werkgebied rekent. Wolleswinkel legt uit dat de inkomsten de afgelopen jaren flink onder druk zijn gekomen. ,,De provincie Utrecht was onze belangrijkste opdrachtgever. Grofweg kun je zeggen dat we via de provincie in 2017 nog 1,5 miljoen euro aan omzet binnenhaalden. Dat is inmiddels gereduceerd tot 120.000 euro. Daarvoor kunnen we geen fatsoenlijke organisatie in de benen houden.”

Volgens Wolleswinkel ligt de aard van de omzetderving in ‘veranderde inzichten op het gebied van good governance’. Hij schetst dat dit proces bijna drie jaar geleden tussen O-gen en de provincie op gang is gekomen. ,,In Jip-en-Janneketaal kun je het zo uitleggen dat onze organisatie jarenlang intensief samenwerkte met de provincie Utrecht. Zij wisten ons te vinden op het moment dat het een onderwerp was dat het buitengebied betrof.”

[GLASVEZEL] Wolleswinkel neemt de aanleg van glasvezel in het buitengebied als voorbeeld. ,,Juist vanwege onze lokale kennis werden wij gevraagd om advies te geven. Wat met het oog op de aanleg slimme keuzes zouden zijn, welke aanbieders er waren, etcetera. Maar vervolgens waren we ook betrokken bij de voorbereiding van aanbesteding en de daadwerkelijke uitvoering. Ook bij de praktische totstandkoming hadden we onze rol, want door het aanstellen van buurtambassadeurs werd draagvlak voor het project gecreëerd.”

En juist op dat vlak begon het te wringen, benadrukt Wolleswinkel. ,,Het is een theoretische, juridische kwestie geworden, die vooral gaat over de rechtmatigheid van de samenwerking. Want kort door de bocht geredeneerd kun je niet het college van gedeputeerde staten advies geven en vervolgens het werk ook uitvoeren. Dat zou in strijd zijn met 'good governance' (goed bestuur, red.).”

[ONZE KRACHT] Besloten werd om de samenwerking onder de loep te nemen. ,,Er zijn geen feitelijke onjuistheden geconstateerd. Het gebeurt ook vaak genoeg dat een overheid om advies vraagt en vervolgens na aanbesteding ook de uitvoering aan dezelfde partij gunt. O-gen vond die werkwijze niet zo ingewikkeld. Dat was in mijn ogen ook onze kracht: O-gen had de noodzakelijke kennis van het gebied, vervulde de netwerkrol en koppelde dat aan concrete resultaten. Samen met onze leden, zoals lokale gemeenten, waterschappen en alle andere spelers in het groene gebied, hebben we de afgelopen jaren zo’n 350 projecten mede gerealiseerd.”

[VERGROOTGLAS] Maar volgens Wolleswinkel is die juridische kwestie wel aanleiding geweest dat er significante veranderingen in de onderlinge samenwerking tot stand kwamen. Bovendien speelden er andere politiek gevoelige onderwerpen, zoals de Uithoflijn in Utrecht, wat tot een bestuurlijke crisis in de Utrechtse provinciepolitiek leidde. De provinciale organisatie en de uitvoering van het project werden gehekeld en onder meer verantwoordelijk gedeputeerde Jacqueline Verbeek moest vertrekken. ,,Het provinciebestuur van Utrecht heeft de afgelopen jaren dus onder een extreem vergrootglas gelegen, met alle gevolgen van dien.”

In de redenering van Wolleswinkel heeft die onrust zuurstof gegeven aan de juridische kwestie tussen O-gen en de provincie. ,,We hebben in een later stadium onze adviesrol opgegeven om nog meer helderheid te scheppen tussen de verschillende taken. Met een onderzoek en rapport van adviesbureau Berenschot is gezocht naar een nieuw, duurzaam samenwerkingsmodel. In de praktijk functioneert het alleen niet, die is weerbarstiger. We halen structureel minder opdrachten binnen bij de provincie Utrecht.”

Ook via andere wegen werden de mogelijkheden onderzocht om de inkomsten te verhogen. ,,Natuurlijk hebben we gekeken om de contributies voor onze leden te verhogen, maar de financiële positie van gemeenten is niet van dien aard dat daar grote mogelijkheden liggen. Bovendien liggen de verantwoordelijkheden op het gebied van natuur, landschap en agrarische activiteiten in de eerste plaats bij de provincies, dus de geldstromen ook. En waar geen wil is, is er ook geen weg."

[FRUSTREREND] Het betekent dat O-gen de komende maanden de huidige organisatie afbouwt. De twaalf vaste medewerkers verliezen hun baan. ,,De coöperatie met de leden blijft vooralsnog bestaan. We willen onderzoeken of we op de één of andere manier toch nog een nieuwe vorm van samenwerking kunnen opzetten. We leggen het hoofd niet zomaar in de schoot, maar we hebben voor ons gevoel al veel opties onderzocht. Het gaat dus moeilijk worden. Aan de andere kant hoop ik dat het lukt, omdat de opgaven voor het buitengebied de komende jaren alleen maar groter worden.”

Hij wijst onder meer op het stikstofdossier, de overgang naar kringlooplandbouw en de transitie naar een duurzaam energielandschap. ,,Juist dat maakt dit ook zo wrang. Het was makkelijker te verteren geweest als O-gen als organisatie duidelijk aanwijsbare missers had begaan, als er fouten waren gemaakt. Maar die zijn er volgens mij niet en dat maakt dit zo frustrerend.”